Introductie
Drs. W. Verhagen

DYSLEXIE VROEG HERKENNEN EN BEHANDELEN

In Nederland kan tussen de 10 en 15 procent van de leerlingen aan het eind van groep 3 onvoldoende lezen. Daarom zijn er verschillende programma's ontwikkeld om leesproblemen in groep 2 en groep 3 te signaleren en te behandelen, zoals het 'Protocol Leesproblemen en Dyslexie' van het Expertisecentrum Nederlands en het 'Toetspakket Beginnende Geletterdheid' van het CPS. Toch zijn er dan nòg leerlingen die AVI niveau 1 niet halen aan het eind van groep 3 of die dan behoren tot de 10 procent zwakste lezers. Voor die leerlingen is 'Toch Nog Leren Lezen?' al twintig jaar een effectieve en haalbare methode gebleken voor Scholen, en voor Praktijken of Instellingen voor lees- en spellingproblemen. De effectiviteit is gebleken uit drie gepubliceerde onderzoeken die u kunt bekijken of downloaden onder de knop artikelen. De haalbaarheid blijkt uit de minimaal drie keer per week 25 minuten behandeling en uit het, onder strikte supervisie van een deskundige, door geschikte leesouders laten uitvoeren van het programma. Voor de leerling blijkt het het beste direct na een jaar groep 3 met de behandeling van de lees- en spellingproblemen te beginnen. Dan is de kans op succes het grootst en die op emotionele problemen het kleinst.
Deze introductie is geschikt om u en anderen, bijvoorbeeld ouders, snel en vrij eenvoudig een indruk te geven van 'Toch Nog Leren Lezen?'. In de uitgebreide uitleg hierna wordt hetzelfde besproken als in deze introductie maar dan op een fundamenteler niveau. Deze laatste uitleg is geschikter voor leerkrachten en andere deskundigen.

HET GEBRUIKELIJKE LEESONDERWIJS

Een leerling leert met de gebruikelijke methodes bijna altijd "spellend" lezen. Hij leert welke letters er bij welke klanken horen: de letter p bij de klank p, de letters oe bij de klank oe en de letter s bij de klank s. Dan kan hij meestal het woord poes spellend lezen: p oe s, poes. Soms leert een leerling met die methodes echter onvoldoende lezen. Hij spelt te veel, waardoor het lezen langzaam gaat. Of hij raadt te veel, waardoor hij veel fouten maakt. Meestal zal hij nu eens te radend, dan weer te spellend lezen. Toch Nog Leren Lezen? wil hem leren lezen zonder te "raden" of te "spellen".

LEESONDERWIJS MET TOCH NOG LEREN LEZEN

Niet spellend leren lezen

De leerling wordt geleerd voortaan niet meer te lezen aap, aap, maar aaaap. De klanken worden direct "aan elkaar geregen", dus niet meer vooraf gespeld. Bij een woord dat uit drie klanken bestaat zoals poes kan dat niet bij elk woord op natuurlijke wijze. Zou de leerling dat toch proberen dan klinkt het zoiets als puoess, poes. Dan is het woord toch nog spellend gelezen! Door met woordjes te beginnen die uit twee klanken bestaan, kan het spellend lezen in de kiem worden gesmoord, ook bij leerlingen met de meest ernstige leesproblemen. De eerste zeven leesdelen bestaan daarom uit teksten die alleen uit woordjes met twee klanken bestaan en uit woorden met lettergrepen die twee klanken bevatten, zoals er-in. Hier volgt zo"n stukje tekst:

een aal in zee is een zee-aal.
is een aap in zee een zee-aap?


Het is dus essentieel dat de remedial teacher bij elk woord het spellend lezen tracht te voorkomen of corrigeert.

Niet "radend" leren lezen

Woordjes die uit twee klanken bestaan komen het meeste voor in de taal. In de zin die u nu leest al een keer of zeven! Daardoor zijn wij geneigd deze woordjes "globaal", "vanuit de ooghoek" te lezen. Maar er is geen ander type woorden die onderling zo verwisselbaar zijn! Daarom moeten we dat globaal gelezen woord letter na letter controleren, omdat we anders woordjes verwisselen zoals zie/ zei, de/ die of een/ aan. Het blijkt dat we juist dit soort fouten maken als we moe zijn. Het kan illustreren dat we lezen in twee opeenvolgende fasen:

• Eerst vormen we vanuit de ooghoek een globaal beeld van een woord.

• Daarna controleren we, als we het woord scherp zien, letter na letter of het verwachte woord juist is.

Door de leerling teksten te leren lezen die alleen uit woordjes met twee klanken bestaan wordt hij gestimuleerd volgens die twee opeenvolgende fasen te lezen. Daarbij is het noodzakelijk dat men zoveel mogelijk voorkomt dat hij fouten maakt. Bij twee of meer fouten moet de bladzijde of het werkblad worden over gedaan. Zo leert de leerling behalve niet-spellend ook niet-radend te lezen.

Als de leerling vlot en nauwkeurig teksten kan lezen die uit woorden met twee klanken of uit woorden met lettergrepen van twee klanken bestaan, wordt deze vaardigheid uitgebreid naar het schrijven, en naar het lezen van langere woorden. In deel 13, het laatste deel, liggen die teksten op niveau begin groep zes basisschool. Het duurt echter minstens een jaar voor de leerling zo ver is, afhankelijk van de ernst van de problemen. Hij zal die tekst dan nauwkeurig en niet spellend kunnen lezen maar meestal langzamer dan de norm.

Willemien van Leeuwen-Wagenaar
(Remedial Teacher en mede auteur van de Toch Nog Leren Lezen?) aan het werk met enkele van haar leerlingen in de Remedial Teaching groep.








HET EFFECT VAN DE METHODE

Uit onderzoek met deze methode bij uitvallers in het Basis- en het Speciaal (Basis)Onderwijs, blijkt dat er drie groepen leerlingen zijn: een groep die met deze methode wat van zijn achterstand op leeftijdgenoten inloopt, een groep waarbij de leerlingen duidelijk sneller gaan vorderen en de achterstand op leeftijdgenoten niet groter wordt, en een groepje dat wel sneller vordert dan voorheen, maar zo traag dat de achterstand op leeftijdgenoten toch verder toeneemt. De leerlingen uit dat laatste groepje leren wel nauwkeurig en niet spellend teksten lezen, maar de leessnelheid blijft een probleem. Het effect van "Toch Nog Leren Lezen?" was groter waar dit leesnauwkeurigheid betrof dan het effect van methoden die uitgaan van het spellend leren lezen. Er was ook een voordeel met betrekking tot de leessnelheid, maar dat was niet significant.

WERKEN MET "TOCH NOG LEREN LEZEN?"

De leerling moet die verwisselbare tweeklankige woordjes niet-radend én niet-spellend leren lezen. Daarvoor is het nodig dat hij zich goed kan concentreren. De remedial teaching dient individueel te zijn en plaats te hebben in een rustige ruimte. Het is echter wel mogelijk dat een remedial teacher een groepje van bijvoorbeeld 4 leerlingen laat "rouleren": om beurten leest hij of zij individueel met een leerling en laat de anderen werkbladen, de Kijk- en luisterversie en de computerversie van deze methode gebruiken. Voor de zwakste leerlingen (beginniveau lager dan AVI 1) is dit teacherfree materiaal ook nodig voor in de klas. Is het beginniveau gelijk aan of hoger dan instructieniveau AVI 2, dan kan de leerling met de klas blijven meedoen mits hij niet meer radend en spellend gaat lezen.

Relevante onderwerpen:    Uitgebreide uitleg     Werken met TNL